Reisverslag Willem Carel van Boetzelaer van zijn reis door Morenland

2026-06

Ruim vijf jaar voordat Elisabeth Charlotta Petronella barones van Boetzelaer – Both Hendriksen (1809-1880) in 1876 Eyckenstein kocht, maakte haar zoon Willem Carel met zijn studievriend Willem Hendrik de Beaufort een reis naar wat toen Morenland genoemd werd. Van deze reis is een interessant reisverslag van Willem Carel bewaard gebleven.

Willem Carel (1845-1934) en zijn vriend begonnen hun reis op 13 december 1870 en kwamen ruim een half jaar later weer terug. Beiden waren bij hun vertrek 25 jaar oud. Hoewel met Morenland in de huidige tijd vooral naar Ethiopië wordt verwezen, deden zij meer landen aan in Zuid-Europa, Noord-Afrika en het Midden-Oosten. Willem Carel hield in een dagboek bij wat ze allemaal beleefden. In 1878 kwam hij als eerste Van Boetzelaer met zijn gezin op Eyckenstein kwam wonen.

 

Indrukwekkend

Het moet een zeer indrukwekkende reis voor de twee vrienden geweest zijn met alles wat ze meemaakten in een wereld waar zij daarvoor nog weinig weet van hadden. Willem Carel was bovendien zo onder de indruk van de Moorse bouwstijl dat hij rond 1880 een hele kamer in de oostvleugel van Eyckenstein volledig in de Moorse stijl liet aanleggen: de kamer die we nu nog steeds de ‘Moorse kamer’ noemen. De foto hieronder van rond 1900 laat heel mooi de Moorse kamer zien (let niet op de detailverschillen die ChatGPT in de kleurenfoto ongevraagd aangebracht heeft).

Moorse kamer kort na de aanleg in rond 1900.

Foto ingekleurd m.b.v. ChatGPT.

 

Uitwerken van het reisverslag

Wendela van Boetzelaer, achterkleindochter van Willem Carel, is nu bezig het handgeschreven reisverslag, dat in het Eyckensteinse archief bewaard is gebleven, uit te werken en het aan de hand van aanvullende informatie en afbeeldingen in de context van die tijd te plaatsen (zie de afbeelding bovenaan). Het lijkt er helaas op dat een deel van het reisverslag over een bepaald deel van de Nijl is zoekgeraakt, want van de periode tussen 12 februari (in Farshoot/Farshut) en 21 maart (in Tod/Tud) zijn er geen aantekeningen te vinden.

Kort voor het verschijnen van deze nieuwsbrief heeft Wendela ook een gedeelte van het reisverslag van Willem de Beaufort ontvangen van iemand die haar voor historisch onderzoek benaderde. Hierin is de periode tussen 12 februari en 21 maart wel beschreven. Een mooie aanvulling dus!

 

Willem Carel was een bevoorrecht man, dat hij zich zo’n enorme reis kon veroorloven. Hieronder leest u alvast over het begin van de reis. In de volgende nieuwsbrieven zullen we steeds delen uit dit historisch zeer waardevolle reisverslag uitwerken.

 

Begin van de reis

De reis begint op 13 december 1870 met de trein vanaf het Rhijnspoorstation in Utrecht naar Keulen. Willem Carel schrijft in zijn reisverslag: “Reeds lang de wensen gekoesterd hebbende om Egypte met een bezoek te vereeren en nu in W.H. de Beaufort een compagnon gevonden hebbende zoo vertrokken wij op Dinsdag 13 December uit Utrecht na van de noodige reispenningen voorzien te zijn en ten viendschappelijkste door de respectievelijke broeders uitgeleid te zijn geworden en gingen naar de trein die te 12 ure vertrekt over Kleef naar Keulen waar wij te 7 ure aankwamen en ons haastten om in het Hotel du Nord den inwendigen mensch te versterken.

Utrecht Rhijnspoorstation in 1866. (Bron: DUIC)

 

Zij overnachten dus in Keulen in het Hotel du Nord, waar op dat moment zeer veel militairen zijn, door de oorlog tussen Frankrijk en Duitsland (de Frans-Pruisische Oorlog, 1870-1871). In groepjes ziet Willem Carel een grote menigte Franse krijgsgevangenen passeren en de volgende dag ziet hij, vanuit de trein richting Mainz, ook nog een groot kamp met Franse gevangenen met wel 27.000 man. In september dat jaar vond net de catastrofale Slag bij Sedan plaats, waarbij de Duitsers maar liefst 104.000 Franse soldaten krijgsgevangen maakten, inclusief keizer Napoleon III. Willem Carel: “Wij zagen ’s morgens reeds een groote menigte fransche krijgsgevangenen bij troepjes passeren, want er zijn op dit oogenblik zeer vele militairen in Keulen. Wij kwamen bij Mainz langs een kamp met fransche gevangenen waar er zoowat 27.000 man in laagen.” Door de vele transporten van troepen spoort de trein met grote vertraging richting München en twee dagen later over de Brenner, waarna hij uiteindelijk aankomt in Verona, in het noorden van Italië. Daar overnachten zij in hotel La Cour de Londres en bezoeken er o.a. het Amphfy theater, waar Willem Carel geniet van een magnifiek uitzicht over de stad.

De meeste van ons maken dit soort dingen niet dagelijks mee, maar onze twee reisgenoten zien het allemaal voor hun ogen gebeuren.

Gevangenenvervoer na de inname van Mezières. Illustratie uit *Die Gartenlaube* uit 1871. (Bron: Wikipedia)

 

In de volgende nieuwsbrief gaan we verder het het reisverslag.