Landschap
Landschap is altijd het resultaat van verschillende processen die zich in de loop van de geschiedenis op het aardoppervlak ingewerkt hebben. De processen die het meest van invloed geweest zijn voor de omgeving van Eyckenstein, worden hieronder in het kort beschreven.
Van heden naar verleden
Landgoed Eyckenstein ligt op de rand van het zandgebied, net in het overgangsgebied tussen de stuwwal en het veen, in het laatst uitgegeven ontginningsgebied. In noordelijke richting wordt de bodem steeds schraler (voedselarmer) en zijn er nog bescheiden heideveldjes te vinden. Daar staan voornamelijk naaldbomen. Ook het zuidelijke deel ligt op zandgrond, maar daar is het duidelijk voedselrijker. Er is hier ook meer loofhout te vinden.
Het huidige landschap kenmerkt zich nu door bossen, afgewisseld met rechthoekige akkers of weilanden, een bloklandschap. Dit levert op veel plaatsen schitterende doorzichten op. Maar hele gebieden zijn ook volledig bebost, zonder deze doorzichten. Een groot akker-/weideperceel ligt op zo’n 2,5 km ten noorden van het landhuis langs de Melkweg (de bosweg tussen Lage Vuursche en Hollandse Rading). Dit perceel is door Mr. Willem Carel van Boetzelaer ontgonnen en wordt “Het Boetzelaersveld” genoemd.
Naar het westen gaat dit landschap over in een zogenaamd slagenlandschap: zeer langgerekte weilanden gescheiden door slootjes. Tot eind jaren negentig waren in Maartensdijk de langste ontginningspercelen van Nederland te vinden: 4,5 km lang (en zo’n 100m breed). In een ruilverkaveling zijn deze percelen door een nieuwe weg doorsneden.
Omstreeks 1800 moet er bij Eyckenstein nog veen gelegen hebben. Dit blijkt uit bouwaantekeningen uit 1802 van Maurits Jacob Eyck, waarin hij zich erover beklaagt dat bij vroegere bouwwerkzaamheden de fundering op een laag veen is gelegd (en niet op de dieper liggende harde zandgrond), waardoor de gehele voormuur van het fundament af geschoven was. De grens tussen het veen en het zand heeft in die tijd dus meer oostwaards gelegen dan nu het geval is. Als gevolg van ontwatering is het veen aan zuurstof blootgesteld en is het geleidelijk helemaal verweerd, waarna alleen de eronder liggende zandgrond overgebleven is.

